VIJFHEERENLANDEN - Een opluchting voor de fruittelers van Vijfheerenlanden: ze hoeven zich van de provincie Utrecht niet aan de voorgestelde regels rond kunstmest bij Natura 2000-gebieden te houden, mits boomgaarden voor 1 juli 2026 zijn aangeplant. Na jaren onzekerheid over de stikstofplannen op landelijk én provinciaal niveau, kunnen ze voorlopig verder.
Nou ja: op één punt na. “Er wordt door de provincie nog onderzoek gedaan naar gewasbescherming in de zones”, zegt fruitteler Maarten van Dijk uit Lexmond. Mogelijk zouden daar wel normen kunnen gaan gelden waar de telers zich aan moeten houden. “Die zijn er op landelijk vlak al. Dus dat zou dan bovenwettelijk gebeuren.”
Stikstofcrisis Nederland moet van het stikstofslot af, vindt de Rijksoverheid. Sinds een uitspraak van de rechter in 2019 is het lastig om vergunningen te verlenen aan projecten waar stikstof bij vrijkomt, zoals in de bouw.
Dat komt omdat Nederland al jaren veel te veel stikstof – zoals ammoniak – uitstoot, wat belastend is voor de bodem. Volgens sommige onderzoeken heeft Nederland deels daardoor de slechtste biodiversiteitsscore van Europa - in 2000 was het zo'n 15 procent van wat het was voor het begin van het industriële tijdperk. Ingrepen in de waterkwaliteit hebben de biodiversiteit in zoet water verbeterd, maar op land - zeker op heide - gaat het nog steeds achteruit.
Hoe verminder je de hoeveelheid stikstof? Door stikstofbronnen aan te pakken, waaronder industrie, verkeer en mest. Het inperken van de uitstoot van boerenbedrijven staat hoog op de agenda van het Rijk.
Na zeven jaar treuzelen heeft de nationale overheid daarvoor een plan op tafel gelegd, waarin vermindering van de veestapel en stikstofzones van 500 tot 1000 meter rond Natura 2000-gebieden een belangrijke rol spelen. De provincies hebben daarbij huneigen plannen. Zo wil Utrecht stikstofzones van 250 meter, waarin geen kunstmest gebruikt mag worden.
Slapeloze nachten En dat is een probleem voor boeren in Vijfheerenlanden: in deze gemeente liggen meerdere Natura 2000-gebieden. De fruitboerderij van Van Dijk ligt bijvoorbeeld tussen natuurgebied de Zouweboezem aan de ene kant en de uiterwaarden van de Lek aan de andere kant. De stikstofzones overlappen elkaar op zijn terrein. “Als we aan de voor én de achterzijde getroffen werden, dan was dat een ramp”, zegt Van Dijk.
Slapeloze nachten heeft hij gehad, toen de plannen van zowel de Rijksoverheid als de Provincie Utrecht dit jaar bekend werden. “Ze hadden niet met de fruitsector gesproken.” Fruittelers gebruiken betrekkelijk weinig mest en stoten minder stikstof uit dan sommige andere soorten boerenbedrijven.
Ineens moesten ze dus in gesprek met de provincie over de impact van de beoogde stikstofzones. Van Dijk had af en toe het gevoel dat hij werd “uitgelachen”, geeft hij toe. “Dat steekt wel.”
Gewasbescherming Maar nu is er dus resultaat: fruittelers mogen gewoon kunstmest blijven gebruiken in de stikstofreductiezones. Terwijl de buren van Van Dijk – veehouders – wél met de impact van de overlappende zones zitten, kan hij voorlopig vooruit. Alleen, tja, dat provinciale onderzoek naar gewasbescherming, dus.
“Als er ook vanuit de provincie eisen komen [naast wat er op nationaal vlak wordt gevraagd] dan kunnen we hier in de stikstofzones alleen nog biologische gewasbescherming gebruiken”, zegt Van Dijk. Hij vreest dat dat niet toereikend is om de insecten die zijn appels belagen te bestrijden. “We produceren dan minder en slechter dan bedrijven die niet in zo’n stikstofzone liggen.”
Afwachten Zo blijft er toch nog onzekerheid boven het hele stikstofdossier hangen. Terwijl Van Dijk daar al zo lang mee zit, zegt hij. Wat worden de beperkingen? Moeten ze weg? Als ze weg moeten, komt er dan wel geld vanuit de overheid? Als hij het eerder geweten had, zat hij misschien al in Australië, zegt hij.
De meest recente beslissing is een opluchting, maar hij kan er moeilijk optimistisch over doen. “Ik heb vandaag de dag niet heel veel hoop, want mijn vertrouwen in de overheid is de laatste jaren goed geschaad”, zegt Van Dijk. “We wachten het wel af.”