HAAFTEN - Wat zestig jaar geleden begon als een protestants-christelijk bejaardenhuis voor ouderen die na hun pensionering een nieuwe woonplek zochten, is uitgegroeid tot een brede zorgorganisatie die inwoners ondersteunt van thuiszorg tot hospicezorg. Wittenbergzorg in Haaften viert van 29 juni tot en met 3 juli haar 60-jarig bestaan.
Volgens bestuurder Evert van Luttikhuizen is de organisatie in de afgelopen decennia sterk veranderd. “Vroeger kwamen mensen vaak al rond hun 65e in een bejaardenhuis wonen, terwijl ze nog relatief gezond waren. Tegenwoordig blijven mensen veel langer thuis wonen en komen ze pas naar een verpleeghuis als intensieve zorg echt nodig is.”
Van bejaardenhuis naar verpleeghuis De oorsprong van Wittenbergzorg ligt in een initiatief van lokale kerken en inwoners. In de jaren zestig bood De Wittenberg vooral huisvesting aan ouderen. Later groeide de organisatie uit tot een verzorgingshuis en uiteindelijk tot een verpleeghuis, waar ook medische zorg wordt geboden.
“Het beeld van ouder worden is volledig veranderd”, vertelt Van Luttikhuizen. “Waar een bejaardenhuis vroeger werd gezien als een logische volgende stap, zien veel mensen een verpleeghuis tegenwoordig juist als iets wat ze zo lang mogelijk willen uitstellen.”
Om daarop in te spelen, richt Wittenbergzorg zich steeds meer op ondersteuning aan huis. Naast verpleeghuiszorg biedt de organisatie onder meer wijkverpleging, hospicezorg, maaltijdvoorziening en dagbesteding voor mensen met dementie.
Zorg dichter bij huis Volgens Van Luttikhuizen is die ontwikkeling noodzakelijk door de vergrijzing en het groeiende personeelstekort in de zorg. “We krijgen steeds meer ouderen, terwijl er minder mensen beschikbaar zijn om in de zorg te werken. Daarom moeten we anders naar zorg gaan kijken. Niet alles hoeft door professionals te worden opgelost.”
Een belangrijk voorbeeld daarvan is het initiatief Zorgzaam Haaften. Samen met de gemeente West Betuwe, Woonstichting De Kernen, welzijnsorganisatie Welzijn West Betuwe en Platform Mooi Haaften werkt Wittenbergzorg aan een zogenoemde zorgzame gemeenschap.
Rol als zorgverbinder “Het idee is dat inwoners meer naar elkaar omkijken en elkaar ondersteunen. Professionele zorg blijft belangrijk, maar we willen die zo lang mogelijk uitstellen door het sociale netwerk rondom mensen te versterken.” De gemeente ziet Zorgzaam Haaften als een voorbeeldproject voor andere dorpen. Het initiatief krijgt ook aandacht in het nieuwe coalitieakkoord van West Betuwe.
Van Luttikhuizen ziet dat ook de rol van Wittenbergzorg zelf verandert. “Vroeger namen we de zorg volledig over. Nu zien we onszelf veel meer als zorgverbinder. We kijken samen met familie, vrijwilligers, kerken en andere organisaties wat iemand nodig heeft en welke rol iedereen daarin kan spelen.”
Feestweek Het 60-jarig jubileum wordt gevierd met een feestweek waarin iedere dag een andere groep centraal staat. Maandag zijn cliënten en mantelzorgers aan de beurt, dinsdag de samenwerkingspartners, woensdag de vrijwilligers, donderdag de medewerkers en vrijdag de buurtbewoners.
“Juist die laatste dag vind ik heel belangrijk”, zegt Van Luttikhuizen. “We willen onze deuren openzetten en laten zien wat er allemaal gebeurt. Tegelijkertijd willen we met inwoners in gesprek over hoe we de zorg in de toekomst samen vormgeven.”
Actie voor sta-op-stoelen Tijdens de jubileumweek zamelt de Stichting Vrienden van Wittenbergzorg geld in voor nieuwe sta-op-stoelen. Deze komen onder meer in kamers voor tijdelijk verblijf, bijvoorbeeld voor mensen die na een ziekenhuisopname tijdelijk niet naar huis kunnen of voor cliënten die gebruikmaken van hospicezorg.
“Dat zijn vaak ingrijpende periodes voor mensen”, aldus Van Luttikhuizen. “Dan is het belangrijk dat zij kunnen verblijven in een comfortabele omgeving met goede voorzieningen.”
Met het jubileum kijkt Wittenbergzorg niet alleen terug op zestig jaar geschiedenis, maar vooral vooruit. “De uitdagingen in de zorg zijn groot”, zegt Van Luttikhuizen. “Juist daarom moeten we lokaal samenwerken. Dat hebben we de afgelopen zestig jaar gedaan en dat zullen we ook de komende zestig jaar blijven doen.”