VIJFHEERENLANDEN - Drinkwaterbedrijf Oasen waarschuwt voor een mogelijk drinkwatertekort vanaf 2030. Het bedrijf levert water aan het Groene Hart en Vijfheerenlanden.
In een nieuw jaarverslag zegt Oasen dat de drinkwatersituatie in hun regio voorlopig nog te overzien is. Wel groeit de vraag elk jaar weer. Vorig jaar leverde Oasen 47,1 miljard liter drinkwater, tegenover 46,2 miljard liter het jaar ervoor.
Bronnen onder druk Vooral de bouw van verschillende woonwijken in het Groene Hart zorgt de komende jaren voor een verdere stijging van de vraag, aldus Oasen. “Tegelijk staan drinkwaterbronnen onder druk, door klimaatverandering, droogte, een groter risico op verzilting en de aanwezigheid van stoffen als PFAS, medicijnresten en gewasbeschermingsmiddelen.”
Om de toekomst veilig te stellen, moet in ieder geval de capaciteit van het bedrijf worden uitgebreid. Oasen is daarvoor al enige tijd in gesprek met de provincies Zuid-Holland en Utrecht en is van plan om jaarlijks 85 miljoen euro te investeren in het verbeteren van de waterwinning.
In Vianen wordt het waterwinveld Hofplein gesloten. Tegelijkertijd werkt Oasen er aan de verdere ontwikkeling van het bestaande winveld Batenstein en het nieuwere Panoven. Drinkwater wordt in Nederland doorgaans gemaakt uit grondwater, omdat dat schoner is dan oppervlaktewater.
Situatie Rivierenland In Rivierenland waarschuwde drinkwaterbedrijf Vitens al eerder dit jaar voor een dreigend drinkwatertekort. Het bedrijf roept inwoners op om op warme dagen spaarzaam om te gaan met drinkwater.
Maar dat is niet dé oplossing, benadrukt Vitens ook. Het gemiddelde waterverbruik per persoon nam afgelopen jaar al iets af. Door de groei van bedrijven en de bevolking was dat echter niet genoeg om de problemen te verminderen. Klimaatverandering verergert de problemen vervolgens: er zijn steeds langere droge periodes in Nederland.
“Vitens ziet steeds vaker situaties waarin de vraag naar drinkwater groter is dan wat het bedrijf kan leveren”, schreef Vitens in het jaarverslag 2025. Het bedrijf pleit voor het ontwikkelen van nieuwe bronnen en infrastructuur, al is dat “complex”.