TIEL - Monique Groenesteijn vertelt openhartig over haar leven, dat zich kenmerkt door zorg voor anderen, maatschappelijke betrokkenheid en het opbouwen van ontmoetingsplekken voor de gemeenschap in Tiel. “Samen is leuker dan alleen”, is daarbij haar duidelijke levensmotto.
Jeugd en verhuizing naar Tiel Groenesteijn, geboren in Heemstede, verhuisde op jonge leeftijd naar Tiel na de scheiding van haar ouders. Die verhuizing bleek bepalend voor de rest van haar leven. Ze volgde er haar opleiding aan de Catharinaschool en de katholieke Mavo. Ze had aanvankelijk een duidelijke droom: kleuterjuf worden. Die droom moest ze echter loslaten door het tekort aan werk in die sector. “Nog altijd spijt van”, vertelt ze daarover.
Van Sociale Academie tot jeugdgevangenis Groenesteijn koos vervolgens voor de Sociale Academie in Nijmegen, richting inrichtingswerk. In haar jonge jaren werkte ze met jeugdige delinquenten in een rijksinrichting in Berg en Dal. “Ik vond het fantastisch”, zegt ze over die periode, waarin ze al vroeg verantwoordelijk werk deed in een uitdagende omgeving.
Toch bleek haar loopbaan niet lineair. Na ervaringen in de psychiatrie in Wolfheze vond ze die plek uiteindelijk niet passend.
Langdurige loopbaan in de zorg Ze vond haar plek uiteindelijk in de administratieve ondersteuning binnen de zorg. Groenesteijn werkte jarenlang in het Wilhelmina Kinderziekenhuis in Utrecht en vervolgens decennialang in het ziekenhuis in Tiel, onder andere op de afdelingen long- en neurologie en later psychologie. “Uiteindelijk heb ik daar 37 tot 38 jaar gewerkt,” vertelt ze.
Een idee dat uitgroeide tot gemeenschap Naast haar werk ontstond er iets onverwachts. Via een straatspeeldag kwam ze in contact met mensen van een organisatie die haar vroegen om een ontmoetingsplek op te zetten voor mensen met een lichte verstandelijke beperking. Ze zei ja, en daarmee begon iets wat veel groter werd dan ze ooit had gedacht.
Wat klein begon met een paar activiteiten groeide uit tot een levendige ontmoetingsplek met spelletjesavonden, yoga, een koor en talloze andere activiteiten. “Het ging vanzelf groter worden,” zegt ze. “Mensen nemen elkaar mee.”
Van initiatief naar stichting Toen de oorspronkelijke organisatie stopte vanwege kosten, stond Groenesteijn voor een keuze. Stoppen of doorgaan. Samen met haar vrijwilligers koos ze voor het laatste. “Dat was emotioneel, maar eigenlijk ook heel duidelijk,” vertelt ze.
Ze maakten er Stichting Ontmoetingscentrum Tiel van, regelden alles zelf en bouwden verder aan wat inmiddels een vaste plek in Tiel is geworden. Van verzekeringen tot vrijwilligersbeleid: alles werd stap voor stap opgebouwd.
Verbinding in de Stadsfabriek Tegenwoordig is het ontmoetingscentrum gevestigd in de Stadsfabriek in Tiel. Een plek die volgens Groenesteijn precies past bij waar het om draait: mensen samenbrengen. De activiteiten zijn divers en ontstaan vaak vanuit de deelnemers zelf. Van een koor dat optreedt in de stad tot bingo, yoga en seizoensactiviteiten zoals rond Pasen en Kerst. “We doen vooral wat mensen zelf leuk vinden”, legt ze uit.
Blijven doorgaan zolang het kan Stoppen is voor Monique geen serieuze optie. Haar betrokkenheid is nog altijd groot, net als haar energie voor het werk dat ze samen met vrijwilligers doet. “Totdat ik er bijna neerval,” zegt ze met een glimlach. “En ik hoop dat dat nog heel lang mag duren.”