TIEL - Met een aanstekelijke mix van nostalgie, muzikaliteit en zichtbaar speelplezier brengt de band ‘Doe Maar Net Alsof’ een ode aan een van de grootste nederpopbands aller tijden. Hoewel de bandleden zelf te jong zijn om de hoogtijdagen van Doe Maar bewust te hebben meegemaakt, weten ze het publiek moeiteloos terug te voeren naar de jaren tachtig.
“Wij staan er elke keer weer van te kijken hoe groot Doe Maar nog steeds is” vertelt Thomas Vergouwen die in de huid van Ernst Jansz kruipt. “De tienermeisjes van toen zitten nu bij ons in de zaal en komen na afloop met de mooiste verhalen.”
Van schoolband tot theaterpodiumDe band ontstond uit een bestaand project dat na verloop van tijd uit elkaar viel. “Dat project speelde al een tijd”, legt Vergouwen uit. “Uiteindelijk hebben we met een nieuwe groep, onder andere met Timo Verseveld en mijzelf, de band opnieuw opgebouwd en zijn we de theaters ingegaan.” Wat hen bindt, is niet alleen hun muzikale achtergrond, maar ook hun gedeelde liefde voor het repertoire. Volgens Van Verseveld zijn het stuk voor stuk ervaren muzikanten. Ze kennen elkaar uit andere projecten en hebben al veel samen gespeeld. Ze gaan er allemaal voor om die muziek zo goed mogelijk neer te zetten.
Tot in de kleinste detailsDie toewijding vertaalt zich naar een opvallend gedetailleerde aanpak. “We hebben nummers echt tot op het bot uitgeplozen en daarna weer opgebouwd”, aldus Vergouwen. “Mensen horen dat ook. Dat is misschien wel het mooiste compliment dat je kunt krijgen.” Daarbij schuwen ze geen uitdaging. Tijdens de show worden naast de gebruikelijke instrumenten ook minder voor de hand liggende klanken ingezet. “Op de eerste plaat van Doe Maar zit bijvoorbeeld een tin whistle”, vertelt Vergouwen. “Die moest ik dus leren spelen, terwijl ik nog nooit een fluit had aangeraakt.”
“We gebruiken ook een neusfluit, een vogelfluitje en allerlei percussie-instrumenten. En met blazers zoals trombone en saxofoon maken we het geluid compleet”, vult Van Verseveld aan.
Plezier op het podium en in de zaalOp het podium draait het niet alleen om precisie, maar ook om plezier. De band omschrijft zichzelf als een vriendengroep die graag samen speelt, en dat straalt ervan af. “We kunnen het gewoon te goed met elkaar vinden om ruzie te maken”, zegt Vergouwen. “Dat is misschien wel het grootste verschil met de originele band.”
Het publiek speelt daarin een belangrijke rol. “Wij zien vooral mensen die Doe Maar vroeger hebben meegemaakt,” zegt Timo van Verseveld. “Die gaan echt terug in de tijd. Dat brengt voor ons ook een groot deel van het plezier.”
Een avond vol herkenningDe setlist bestaat uit een uitgebalanceerde mix van grote hits en minder bekende nummers. “Uiteraard spelen we de grote hits”, aldus Vergouwen, “maar ook nummers die wij zelf pas later hebben ontdekt. Zo geven we een compleet beeld van wat Doe Maar heeft gemaakt.” Vergouwen zingt ook het nummer Ruma Saja wat hem terug brengt naar de roots van zijn familie; zijn oma komt uit Indonesië.
Gevraagd naar een favoriet nummer, zijn de bandleden het opvallend eens. “Tijd Genoeg is echt een van de mooiste nummers,” zegt Van Verseveld, waarna Vergouwen instemmend reageert.
Optreden in de Agnietenhof in TielOp 22 mei staat de band in
Schouwburg Agnietenhof in Tiel. Waar ze het meest naar uitkijken? “Dat moment aan het einde van de avond waarop je weet dat het publiek een mooie avond heeft gehad,” volgens Van Verseveld. Vergouwen vult aan: “En het blijft bijzonder wat die muziek doet. Vanaf de eerste noot gebeurt er iets in de zaal.”
Muziek die blijftEén ding is voor de band duidelijk: de muziek van Doe Maar leeft nog altijd. En zolang het publiek blijft meezingen, dansen en herinneringen ophalen, zullen zij die muziek met net zoveel passie