VIJFHEERENLANDEN - Vrijwilligers van de Werkgroep Amfibieën Vijfheerenlanden zijn de komende periode druk bezig met het helpen van padden bij het oversteken. Padden en andere amfibieën schuilen tijdens de winter altijd op andere plekken, maar als het warmer wordt, gaan ze terug naar hun geboorteplek om te paren. “Dan reizen ze terug naar hun poel en dat gaat meestal over een dijk heen”, legt Henk Looij van de werkgroep uit.
De werkgroep bestaat uit zo’n twintig vrijwilligers die in Vianen, Kedichem, Leerdam en Everdingen actief zijn om dieren als kikkers, salamanders en padden te helpen bij hun oversteek. “We hebben een appgroep waarmee we elkaar wakker houden. Vorige week was het al wat warmer en de salamanders gaan dan wat eerder lopen. Dan waarschuwen wij elkaar dat er trek is, dat is een signaal naar mensen om even te gaan kijken”, aldus Looij.
Wat doen ze dan? De vrijwilligers hebben een simpele taak. “Als wij er dan tientallen zien op zo’n dijkvak, dan zorgen we ervoor dat ze naar de andere kant van de dijk gaan. Zodat ze niet in contact komen met een auto.” Daardoor blijven de amfibieën in leven.
Looij vindt het belangrijk deze ‘beessies’ te redden. “Het aantal padden en amfibieën neemt de laatste jaren af. Als ze dan ook gaan oversteken en ze worden platgereden, dan komen er steeds minder.” Het is dus een kleine manier om de amfibieën te helpen met overleven. “Alles wat wij levend overzetten, kan bijdragen aan een volgende generatie.”
De werkgroep telt jaarlijks hoeveel dieren worden overgezet. Die gegevens worden verzameld en doorgestuurd naar RAVON, dat landelijk onderzoek doet naar reptielen, amfibieën en vissen.
Hekken geplaatst door gemeente De gemeente Vijfheerenlanden plaatst hekken langs de dijken, en als er een groep helpers bezig is, wordt het hek een klein beetje op de weg geplaatst. “Dan weten mensen dat wij bezig zijn en rijden ze wat rustiger”, legt Looij uit.
Rond deze tijd krijgen de vrijwilligers het erg druk. “Eind februari en begin maart lopen de temperaturen op. Dan worden de amfibieën wakker.” In die periode gaan de dieren terug naar hun broedplek.
Wat kunnen inwoners doen? Volgens Looij kunnen inwoners ook alert zijn door zelf de dieren te helpen. “Probeer daarnaast niet te hard te rijden op de dijken. Als je zo’n beestje ziet, probeer hem dan te laten passeren of rij eromheen”, geeft Looij mee als boodschap. “Maar het beste is als wij de auto’s voor zijn.”
De vrijwilligersgroep bestaat al tientallen jaren. Sommige leden helpen al meer dan vijftien jaar mee. “We doen het omdat het prachtige beestjes zijn”, besluit Looij.