CULEMBORG - De prioriteiten mogen wel anders komen te liggen in Culemborg, vindt Marco van Zandwijk van het CDA. In de aanloop naar de gemeenteraadsverkiezingen wil hij het vooral hebben over luisteren, samenwerken, en het zoeken naar oplossingen voor problemen in de stad. Zoals de leegstand van de Grote Barbarakerk of de rommel bij afvalcontainers.
Kerken Het interview vond plaats in de Grote Barbarakerk in Culemborg, die al enige tijd grotendeels leeg staat. De kerk is te groot voor de geloofsgemeenschap en wordt daar niet meer door gebruikt. Daarom liggen er nu plannen om het gebouw te renoveren zodat het multifunctioneel kan worden ingezet, bijvoorbeeld voor muziekevenementen, musicals, tentoonstellingen en beurzen.
Ook voor de Heilige Barbarakerk even verderop pruttelen ideeën, zoals een inrichting als bibliotheek. Grote plannen, waar wel geld voor nodig is – en wat steun van de gemeente. “We hebben het al heel lang in deze raad over een levendige binnenstad”, zegt Marco van Zandwijk van het CDA. “Laten er nu twee gebouwen, historisch erfgoed, in onze stad staan die eigenlijk veel beter benut en gebruikt kunnen worden.”
Teruggeven aan de stad De eigenaren van de twee kerken willen de gebouwen “teruggeven aan onze stad”, zegt van Zandwijk. “Om als ontmoetingsplek voor de stad, een huiskamer, te fungeren. Die kans kun je niet laten gaan.”
Het gros van het geld komt van elders, alleen zijn er nog bijdragen nodig vanuit de gemeente. “Als ze zelf 1,1 miljoen gaan investeren en aan de gemeente slechts een ton vragen…” De lijstrekker ziet al allerlei evenementen voor zich die na de renovatie in de kerk gehouden zouden kunnen worden.
Financiën “Het CDA wil dicht bij de mensen staan”, zegt Van Zandwijk. “Ik ben nu zeven jaar raadslid in deze stad. Omdat ik niet zelf [van origine] Culemborger ben, heb ik heel erg geprobeerd te luisteren.” Gesprekken met verenigingen, bijvoorbeeld, maar ook koffiegesprekken. “Om signalen op te halen.”
Het partijprogramma dat het CDA deze maand presenteerde, stoelt op de lessen uit die gesprekken, zegt Van Zandwijk. Het gaat over “financieel verantwoord beleid, gezond samenleven en ruimte voor wonen en ondernemen”.
Maar de hoofdles: “De gemeente moet veel meer participeren met wat er in de stad gebeurt. Wat er nu heel erg gebeurt, is dat de gemeente zelf ambities opstapelt en slechte prioriteiten stelt.” Elke euro kan je immers maar één keer uitgeven, zegt hij. Liever doet hij dat aan het levendig houden van de binnenstad dan het aanleggen van een fietsstraat.
Gemeenschappelijke functies “Er wordt ook veel gesproken over bijvoorbeeld duurzaamheid, maar wat hebben we daarin praktisch bereikt?” vraagt hij zich af. “We hebben verenigingen geraadpleegd en die vragen zelden om geld, maar de korfbalvereniging zit wel al jaren te wachten op nieuwe velden.” Of denk aan de kinderboerderij, die door een bezuiniging mogelijk gaat verdwijnen.
“Het gaat om het versterken van gemeenschappelijke functies”, besluit Van Zandwijk. “Dat vraagt van ons als politici dat we meer luisteren en dat we niet meer onze idealen opleggen aan de stad.”