WEST BETUWE - Het stroomnet loopt vol. ‘Netcongestie’ is een acuut probleem in de regio. De gemeente West Betuwe gaf daarom op dinsdag het startschot voor een plan om het stroomnet in buurten in de gemeente toekomstbestendig te maken.
Meer transformatorhuisjes In totaal zullen er in de komende periode driehonderd transformatorhuisjes bij komen. Eén op de drie straten zal daarom minstens twee keer open moeten worden gemaakt, vertelt Martijn Schwering, relatiemanager bij netbeheerder Liander voor de regio Rivierenland. Eerst moeten nieuwe stroomkabels worden gelegd, daarna oude verwijderd.
De operatie is nodig omdat er anders goede kans is dat wijken en zelfs dorpskernen in de komende jaren niet genoeg capaciteit meer hebben om iedereen van stroom te voorzien. Het netwerk raakt dan overbelast.
Transformatorhuisjes bouwen Liander heeft er een hele kluif aan om in elke wijk plaats te vinden voor nieuwe transformatorhuisjes, vertelden vertegenwoordigers dinsdag tijdens een persgesprek. De gemeente zal knopen moeten doorhakken: moet een nieuw transformatorhuisje ten koste komen van het groen of van een parkeerplaats?
De operatie begint binnenkort in Meteren, bij de Plantage. Bewoners krijgen een brief voor de start van de werkzaamheden en worden daarna op de hoogte gehouden via de BouwApp.
Netcongestie In heel Nederland dreigen er problemen met de capaciteit van het stroomnet of zelfs stroomstoringen. Dat heeft te maken met de structuur van het stroomnetwerk, dat is aangelegd als een soort eenrichtingsweg: stroom loopt van de centrale het landelijke hoogspanningsnetwerk op (“de snelweg”, aldus Schwering) en wordt vanuit daar eerst overgezet naar middenspanningsnetwerken in de regio (“provinciale wegen”) en ten slotte naar laagspanningsnetwerken in de wijk.
Nu dat steeds meer mensen thuis zonnepanelen hebben staan en er ook andere stroomopwekkers bijkomen (denk aan windparken), komt het verkeer ineens vanuit meer kanten. Tegelijk wordt er steeds meer elektrisch gedaan, zoals het opladen van auto’s. Dat zorgt er allemaal voor dat er steeds meer beslag wordt gelegd op de verschillende delen van het stroomnet. In de provincies Gelderland, Utrecht en Flevoland is het probleem momenteel het meest prangend, maar heel Nederland zal er mee te maken krijgen.
Een deel van de oplossing van dit probleem is uiteraard het aanleggen van meer stroomkabels, verdeelstations en transformatorhuisjes. Dat vergroot de capaciteit van het netwerk. In de regio zijn er veel problemen rond het verdeelstation bij Culemborg, dat ook stroom levert aan de kleinere zogenoemde regelstations in Beesd en Buurmalsen.
Er wordt bij Buurmalsen een regelstation bijgebouwd, in het gebied op het kruispunt van de Rooimond en de Burensedijk. Verder moeten er in de hele regio vier verdeelstations bij komen, maar dat initiatief ligt bij de nationale netbeheerder Tennet.
Slimme combinaties Maar dat is een dure operatie die niet per se maximaal hoeft worden uitgevoerd als er ook slimmer met stroom wordt omgegaan, zegt Joke van Vrouwerff, wethouder Duurzaamheid in West Betuwe. “We moeten bijvoorbeeld netbewust gaan bouwen en slimme combinaties zoeken.”
Wat houdt dat precies in, een slimme samenwerking? Denk bijvoorbeeld aan een zonnepark of windpark dat energie direct aan een lokaal boerenbedrijf levert en tekorten opvult. Of zogenoemde energiehubs, waarbij stroomverbruikers én opwekkers op een industrieterrein met elkaar afspreken om energie uit te wisselen.
Lokaal afzetten “Het zou ideaal zijn als je lokaal opgewekte stroom ook weer volledig lokaal kan afzetten, al gebeurt dat op het moment nog niet”, zegt Schwering van Liander. “Of wanneer je een lokale warmtebron kan inzetten om een buurt te verwarmen, zodat er minder elektriciteit nodig is.”
Wethouder Van Vrouwerff wijst op lopende experimenten met een warmtenet in Geldermalsen-Zuid. Bij een warmtenet wordt warmte uit de bodem opgenomen, wat vervolgens weer kan worden afgegeven aan huizen in een straat. Er hoeft dan niks van ver te worden gehaald om een woning te verwarmen. Ook wordt er gekeken naar manieren om stroom goed op te slaan in de regio.
Binnen twee jaar aanpakken Dit soort oplossingen kosten echter vaak tijd en er is komt “acuut” een probleem als er binnen twee jaar niks gebeurd, zegt wethouder Jacoline Hartman (Wonen). Zeker de uitbreiding van het stroomnet zelf zal nog tot 2034 op zich laten wachten. “We moeten alle zeilen bijzetten.”
“We moeten naar meer gelijkheid van het netgebruik”, zegt Van Vrouwerff. “We moeten de pieken eruit halen.” Met het toenemend gebruik van zonnepanelen gebeurt het nu steeds vaker dat burgers allemaal tegelijk de auto gaan laden als de zon schijnt, maar dat zorgt voor overbelasting van het lokale net.
Dat betekent dat ook inwoners zelf beter op hun stroomgebruik moeten gaan letten. Bijvoorbeeld door een zuinigere wasmachine te nemen – en dat wasje niet per sé op het meest ideale zonmoment te laten draaien.